Verhalen uit het verpleeghuis 

Als predikant-geestelijk verzorger werk ik al jaren met veel plezier in twee verpleeghuizen. De contacten met onze bewoners en het samenwerken met betrokken zorgmedewerkers maken iedere werkdag weer bijzonder!

Helaas zijn de deuren van ons verpleeghuis vanwege de Corona-uitbraak dichtgegaan voor bezoekers. Om u en jou een klein beetje te laten meekijken met wat er achter die deuren gebeurt, schrijf ik in de komende tijd dit blog.

Annemarie Roding, predikant-geestelijk verzorger

Transparant

# bezoekersstop week 10

Eerlijkgezegd had ik niet verwacht een tiende blog te halen. Niet dat er niets meer te vertellen is, maar eerder omdat ik nooit gedacht had dat de deuren van ons verpleeghuis zolang dicht zouden zijn. Twee lange maanden plus een beetje. Twee lange maanden plus een beetje was er alleen contact tussen bewoners en hun naasten met iets ertussen: een raam, een telefoonschermpje, de kabel van de telecommaatschappij.

Langzaamaan werd dat ‘iets’ in het midden transparanter: zo bleken ontmoetingen achter het hek bij velen voorrang te krijgen boven bellen achter plexiglas. Afgelopen week zag ik het in het voorbijgaan weer gebeuren. Een bewoner zat in de tuin ontspannen te praten met haar zoon. Alhoewel van privacy geen sprake was, leken ze daar geen last van te hebben. De gaten in het hek maakten echt contact kennelijk toch mogelijk. Je wordt beiden aangeraakt door dezelfde lucht. Het is dezelfde wind die je haar alle kanten op doet wapperen, het zijn dezelfde zonnestralen je huid raken. Het mooie weer werkte prima mee.

En nu is daar dan eindelijk de mededeling dat ‘echt’ bezoek weer mogelijk wordt. Zij het heel bescheiden: één persoon, één uur, in één week. Mits het verpleeghuis aan strenge eisen voldoet. Maar toch. Samen in één ruimte zijn, weliswaar met de inmiddels bekende anderhalvemeterregel, maar toch echt samen. Geen scheidswanden meer. Geen hekken. Alleen lucht. Het is onvoorstelbaar wat dit hoopgevende perspectief met onze bewoners doet. Ze leven er van op, ze zien er naar uit. En waar ik denk…. ‘Het zou toch wel meer kunnen zijn dan één uur per week?’ zeggen zij: ‘Dit is al zo fijn!’ Wat zijn onze bewoners in geduld en volharding toch vele malen verder dan ik ben. Ik troost me een beetje met de gedachte dat de meesten van hen ook meer dan tweemaal zo oud zijn… kortom: er is nog hoop.

Mijn leeftijd ten spijt, heb ik me de afgelopen tijd gerealiseerd dat ik een groot voorstander ben van de ouderwetse vormen van ontmoeten. Zonder draad. Zonder beeld. Zonder scherm. En vooral zonder hek. Alleen de lucht ertussenin. Want je ziet zoveel meer. Je hoort zoveel meer. Je voelt zoveel meer. Je kunt zonder spanning samen even stilzijn. Je kunt rustig een tijdje zwijgen en dan nog zoveel zeggen.

De lucht boven ons verpleeghuis is wijds. Wolken drijven voorbij boven de akkers. Vanuit de woonkamers en vanuit de meeste slaapkamers kunnen onze bewoners het dagelijkse schouwspel zien. Mevrouw V., die tot twee maanden geleden dagelijks een half uur ‘een blokje om ging’, staart omhoog. Mevrouw E., die haar halve leven op het strand doorbracht, kijkt minutenlang naar buiten. Mevrouw van D., die na een wandeling eens tegen me zei: ‘Nu kan ik er weer even tegen’, vraagt me: ‘Wat denk je… zouden we binnenkort weer kunnen gaan?’

Eén uur, één bezoeker, in één week. Nu nog één voor één de deuren open en één voor één de hekken weg. Dan is het weer transparant tussen onze bewoners en de wereld.